30/06/2025
In den beginne was er leegte in Vleuten de Meern, De leegte was zonder vorm en zonder ziel. En de god van de chaos zag de leegte en sprak: "Laat er leven zijn, en laat het leven muziek dragen in zijn hart."
En zo schiep God de Kruk en de Tobbe, twee huizen van jeugd en vertier, opdat zij de eerste bewoners van de heilige grond Vleuten de Meern zouden zijn.
De Kruk was stevig en onverzettelijk, gebouwd op broederschap en vurige harten. De Tobbe vloeide als het water, grillig en vrij, een bron van verhalen en nachtelijke vreugde.
Maar, de Kruk en de Tobbe leefden gescheiden, elk in hun eigen wereld, en de God van de chaos zag dat dit niet goed was. God sprak: "Gij zult één worden, want slechts in vereniging bloeit de ware geest van muziek.” En zo geschiedde het. De Kruk en de Tobbe smolten samen tot één huis, en dit huis werd Azotod genoemd, de tempel van de chaos en de muziek.
Azotod opende zijn poorten, en de kleine artiesten kwamen tot hem. Zij speelden op zijn planken, en zij groeiden, en zij werden groot. Zo traden op voor de ogen van het volk: Herman Brood, De Dijk, Van Dik Hout, Trockener Kecks en vele anderen die de schare vervulden met vreugde en vervoering.
En het volk verzamelde zich jaarlijks bij een groot feest, Paasrock geheten, waarin de klanken de nacht doorkliefden en een tent werd opgericht als een heilige broedplaats.
Niet alleen muziek leefde in Azotod, maar ook de geest van de ongeordende nacht. De wilde jongeren kwamen tot hem, en zij dansten en dronken, en de vloer beefde en kleefde onder hun voeten. Sommigen vonden zelfs onderdak in de verborgen kamer achter het podium, waar zij woonden als nomaden.
Azotod was een plek waar jongeren zichzelf konden ontdekken. Niet alleen als muzikanten, maar ook als bijvoorbeeld bouwers van licht en geluid. Jonge beginnende technici vonden hier hun eerste kansen, leerden hun vak en groeiden uit tot ware meesters, die later als beroepskrachten hun kennis verder verspreidden.
Ook de liefde vond er haar weg. Want waar harten samen dansen, bloeien gevoelens op die sterker zijn dan de tijd zelf. Velen vonden in Azotod hun wederhelft, of een losse scharrel; in een blik over de bar, in een toevallige ontmoeting bij het podium, of in een gedeeld moment in diezelfde verborgen kamer achter het podium. En zo geschiedde het dat paren zich vormden, handen elkaar vonden, en liefdes groeiden tot bij sommige zelfs huwelijken en gezinnen.
Ook ik, de schrijver van dit verhaal, heb in de hallen van Azotod mijn liefde mogen ontmoeten. En zo is Azotod niet alleen een huis van muziek en chaos, maar ook een huis waar liefde wortel schoot en families hun begin vonden.
Toen op een noodlottige nacht in het jaar 2004, steeg er rook op uit de tempel van Azotod. Vlammen rezen op als een vloek over het huis van de chaos en muziek, en het vuur verslond de muren. Het publiek zag toe in ontzetting, en rouwde om wat verloren was. Doch, zij lieten hun hoofden niet hangen, want de geest van Azotod brandde feller dan welk vuur ook. En zij verzamelden zich, de bouwers, de muzikanten, de dansers, de vrijwilligers, en zij zwoeren dat Azotod uit de as zou herrijzen. Drie winters gingen voorbij, en in het jaar 2007 was de tempel herbouwd. Azotod opende opnieuw zijn poorten, en muziek vulde de zaal zoals in de dagen van weleer.
Het volk juichte, en de god van de chaos glimlachte, want Azotod was herrezen.
De heropstanding bracht nieuwe beproevingen, want de koning, de gemeente Utrecht, besloot dat Azotod geen steun meer behoefde en trok haar gaven in. En zo werd Azotod een tempel zonder hulp van buitenaf, een huis dat zichzelf moest dragen op de schouders van hen die erin geloofden. Trouwe wakers, de beroepskrachten, waakten over zijn poorten, en een legioen van vrijwilligers hield zijn hart kloppend. En ondanks de tegenslagen bleef Azotod groot, en opende hij zijn deuren bijna elk weekend weer.
Doch niet door vuur, noch door tijd zou Azotod ten onder gaan, maar door de zilverstukken in de handen van een handelaar. Het publiek riep uit: “Waarom, waarom is ons huis verraden? Waar zullen wij dansen? Maar de smeekgebeden waren tevergeefs, en de deuren van Azotod sloten zich voorgoed. Deze tempel zal niet langer een huis van klank en chaos zijn, maar een huis van stilte en orde. En zo geschiedde het dat de god van de chaos zijn troon verloor, en de echo van zijn muziek verstompte.
En nu, tijdens ons laatste avondmaal, in het besef dat Azotod gaat sluiten, vinden wij vrede. Want zelfs de meest heilige tempels moeten op een dag sluiten. Wij zullen het niet vergeten, maar wij laten het los, wetende dat het goed is. De tijd van Azotod is voorbij, en wij sluiten vrede met het einde, om verder te gaan.
De god van de chaos spreekt nog een allerlaatste keer: "Mijn tijd is gekomen, maar mijn geest zal blijven leven in de herinneringen van hen die hier dansten, die hier speelden, die hier vreugde deelden en liefde vonden." Het publiek rouwde, toch wisten zij dat het vuur van Azotod nooit geheel zou doven. En zo werd geschreven in de boeken der herinnering: "Azotod was, Azotod is, en in de echo's van de muziek zal Azotod altijd zijn."
Iedereen dank voor een fantastisch eindfeest en Todziens!
Liefs,
Team Azotod
Foto: Ronald Oosterwijk Tekst: Lotte Ruules