Café 't Monumentje

Café 't Monumentje Een klein bruin café in Amsterdam met een zeer gevarieerde
klantenkring!
(1)

LIVE! Morgen om 16.00u in het Monumentje: 'THE FANTABULOUS THREE' old school Rock & Roll🎸😎
13/06/2026

LIVE! Morgen om 16.00u in het Monumentje:
'THE FANTABULOUS THREE' old school Rock & Roll🎸😎

Nu in de etalage: 'GENESIS'  prachtig en kleurrijk werk van Stamatia Gotsi🫶🧐🎨www.stamatiagotsi.com
03/06/2026

Nu in de etalage: 'GENESIS' prachtig en kleurrijk werk van Stamatia Gotsi🫶🧐🎨
www.stamatiagotsi.com

Vaste gasten van de maandDubbel interview!Tommie Thomas en Nana van DortJanuari 1945 en april 1952 Tommie: “Ik kom uit e...
01/06/2026

Vaste gasten van de maand
Dubbel interview!
Tommie Thomas en Nana van Dort
Januari 1945 en april 1952

Tommie: “Ik kom uit een nest van zeven kinderen, als vijfde kind. Ik ben geboren in het Wilhelmina gasthuis in Amsterdam. Mijn ouders woonden toen in West. En op mijn 9e jaar zijn we hier op de Westerstraat komen te wonen, met mijn ouders en het hele gezin. Ik was 3 maanden toen de oorlog voorbij was. De oorlog was voor mijn ouders een hele hoop ellende geweest in die zin dat mijn vader heel goed zorgde het gezin, hij deed van alles en nog wat, maar mijn moeder is van Joodse afkomst. Dat is wel een probleem geweest, niet zozeer voor haar direct maar wel voor haar familie. Ze had 10 broers en zussen en die hadden ontzettend veel naars meegemaakt. Mijn moeder was niet vol Joods, alleen haar vaders kant. Maar er was natuurlijk wel veel angst. Mijn grootmoeder was bang dat de Duitsers op een gegeven moment ook alle half Joodse mensen mee zouden nemen. Ze zijn er voor de rest wel redelijk goed doorheen gekomen.
Ik heb toen 15 of 16 jaar op de Westerstraat bij mijn ouders gewoond, daarna ben ik op mezelf gaan wonen. Op een gegeven moment ben ik naar P.C. Hooftstraat gegaan, waar ik toen ook werkte. Hier heb ik 22 jaar gewoond. Daarna kon ik een huis krijgen hier in de Palmstraat. Na 12 jaar moesten ze daar renoveren want de leidingen waren niet goed. Ik kreeg toen tijdelijk een huis aangeboden in de Westerstraat, daar woon ik nu nog steeds, al 12 jaar. Al mijn broers en zussen wonen ook nog in Amsterdam en Amstelveen. Ik ben wel een Jordanese maar ben daar niet heel erg op georiënteerd. Dat gebeurt gewoon. Iedereen kent iedereen. Toen ik naar de P.C. Hooftstraat ging ben ik het contact met de buurt ook wel kwijt geraakt. Ze herkennen mij dan nog wel allemaal, zo van ‘oh daar is die van die en die’, van Thomas (mijn vader). Net als in een dorp. Ik hoor nu ook nog van Wil, onze buurvrouw die hier ook komt en vriendinnen was met mijn moeder: “Oh ik zag je altijd door het raam aan komen rijden in je Porsche en je zag er altijd zo mooi uit!” Hahaha!”
“Ik heb 22 jaar bij de modeontwerpster Fong Leng gewerkt…” Nana: “Jullie hebben ook een poster van haar hier hangen!” Tommie: “Nana nou moet je niet steeds ertussendoor gaan als ik praat want dan raak ik de draad kwijt...” Nana: “Ik ga mijn mond houden nu.”
“Bij Fong Leng deed ik de verkoop. Zij vond me wel leuk en ik kreeg een relatie met haar. Ik reisde ook met de collectie en ik deed de zaak waar ik dus ook boven woonde. Heel chique! Heel decadent haha! Vooral in de zeventiger jaren. Na 22 jaar ging Fong Leng failliet en toen vroeg een vriend van mij of ik bij hem wilde komen werken. Bij restaurant Le Garage van Joop Braakhekke in de Ruysdaelstraat, daar heb ik ook 8 jaar gewerkt.”
Nana: “Ik ben geboren op de Lauriergracht, hoek tweede Laurierdwarsstraat. Ik heb op de Elandsstraat op school gezeten. Daarna ben ik naar de mulo gegaan in de Da Costastraat. Mijn ouders hadden een koffiehuis op de hoek van de Looiersgracht, wat nu Festina Lente is. Dat was ons gezellige hoekje, daar is niets aan veranderd! Wij gingen ’s morgens om een uur of 7 open. Ik ben enig kind en mijn vader werd ziek dus op een gegeven moest ik én school én het koffiehuis samen met mijn moeder doen. Ik kom dus wel uit een horeca gebeuren. Toen heb ik de mulo afgemaakt en ben ik eigenlijk een beetje gaan zwerven. Ik was nog geen 16 toen ik uit huis ging wegens omstandigheden thuis.
Ik was altijd al gek op kinderen. Ik riep: “later als ik groot ben neem ik vier kinderen van een donkere man” want ik hield niet van melkboerenwit! Mijn leven is heel anders gelopen dan dat. In die tijd was het nog helemaal niet een mogelijkheid om kinderen te krijgen door donor of dergelijk als je met twee vrouwen een kind wilden. Ook was mijn leven erg rommelig, ik had nooit eigen spullen en logeerde hier en daar: bij een vrouw met twee kinderen, bij een vriendin en dan weer bij Olga achter de hoerenkast op een matras op de grond. Ik had toen veel bijbaantjes en veel in de horeca… Ik vraag me nu wel eens af hoeveel banen en adressen ik heb gehad. Ik deed toen maar wat.
Ik was misschien 18 dat ik bij de San Remo ging werken, dat was heel bekend en dat was naast Van Dobben. Daar speelden Johnny Meijer en Manke Nelis. Dus dat was allemaal levende muziek, dat was helemaal geweldig. Ik ben daar uiteindelijk weggegaan omdat ik geen huis had. Ik woonde in, dat noemden ze toen: “het hotel”, maar het was een soort logement op het Rembrandtplein boven de Porte d’Ore. Daar om de hoek had je de Moulin Rouge, dat was op het Thorbeckeplein, dat was een nachtclub en daar werkten allemaal meiden van allerlei nationaliteiten, danseressen en animeermeiden. Die sliepen ook allemaal in dat logement. Ik had gewoon een kamer met een wastafel en een kast en een eenpersoonsbed en dat was het. Ik vond het wel gezellig maar het was een leven… de San Remo was open van 20:00 uur tot 1:00 en dan gingen we de nacht door. Je had de Femina, de Serazade en je had nog Club 13 dat ging de hele nacht door. Ik ontbeet op het Rembrandtplein, ik at op het Rembrandtplein, ik bracht mijn kleren naar de stomerij op de Vijzelstraat en die werden dan in een uur gestoomd en dan ging ik weer werken. Het was een rotzooitje eigenlijk. Ik kreeg uiteindelijk een baan aangeboden waarbij ik boven kon wonen en ben toen vertrokken van San Remo.
Toen ik 25 was kreeg ik via via een halve woning op de Bilderdijkstraat en daar heb ik 40 jaar gewoond. Ook toen werkte ik nog veel in de horeca en ik heb 12 jaar op de markt gestaan.
Ik wist altijd al dat ik op vrouwen viel. Ik was verliefd op de juffrouw. Ik heb nooit enige hinder ondervonden om mijn liefde voor vrouwen te laten merken, niet op mijn werk, nergens. Als ik een vrouw ontmoette die ik leuk vond dan ging ik gewoon met haar dansen. Het was nooit een issue.
Mijn eerste vriendin was niet een hele goede keuze, ze was getrouwd en had een kind. Dus dat is een langdurige strijd geweest.
Tommie: “Ik wist ook al altijd dat ik op vrouwen viel. Ik had toen ik klein was wel vriendjes uit de Jordaan waar ik mee speelde, maar ik had al heel snel wel een vriendin. Maar mijn vader vond het wel heel erg. Hij wilde er alles aandoen om mij maar weer normaal te krijgen. Hij zei tegen mijn moeder altijd: “Ja wie moet er dan voor haar zorgen als ze geen man heeft?” Dat is echt een paar jaar een strijd geweest. Gelukkig hebben mijn broers en zussen me wel altijd gesteund. Ik mocht nooit alleen uit, maar dan zei mijn zusje “ik ga met Tommie uit!” En dan ging zij de ene kant uit en ik de andere. Mijn eerste vriendin was wat ouder en daar wilde hij niets van weten. Maar toen ik met Fong Leng thuis kwam sloeg hij plotseling om als een blad van een boom, waarom weet ik niet. Hij was gek op haar.
Nana: Tommie en ik kenden elkaar eerst alleen van gezicht, van het uitgaansleven en de buurt. Tommie was toen met Fong Leng, het type dat wanneer zij binnenkwam, iedereen moest wijken. Ik was toen een meisje dat van alles deed. Ik had toen een vriendin, Rachelle, die met kind en man. De Yab Yum, een chique bekend bordeel op ’t Singel, zocht toen een kamermeisje. Dat leek me wel spannend en avontuurlijk en toen reed ik met Rachelle naar de Yab Yum. De eigenaar zei nog: “Ik heb ook andere functies hè.” Maar ik wilde gewoon kamermeisje zijn, dat leek me spannend zat. Ik heb daar anderhalf jaar gewerkt. Dat was onderling met die meiden heel leuk. We hadden toen op 21 juni een zomerfeest en iedereen moest in het wit gekleed. Ik was toen nog met Rachelle. Ik was toen heel goed bevriend met de eigenaar, zijn vrouw en diens zuster en ouders. Zij zaten toen aan de overkant van de bar en ik nam een foto van ze. 25 jaar later, toen Tommie en ik al een relatie hadden, zag zij die foto in mijn agenda en vroeg: “Hoe kom jij aan die foto?” Wie blijkt daar op die foto te staan? Tommie staat op die foto samen met Imca Marina, een bekende zangeres en een vriendin van Tommie. Dat is toch niet normaal!
Later, toen ik al die verschillende baantjes beu was, heb ik mijn marktvergunning aangevraagd en ben ik op de markt gaan staan. Fong Leng woonde toen op de Houthavens en die kwam elke zaterdag bij mij en dan gingen we daarna nog wat drinken bij de “Kat in de Wijngaert.” En toen had ze grote witte T-shirts nodig voor Tommie want ze was toen ziek. En toen kwam Tommie een keer met Fong Leng en toen zei ze, Tom je moet een keer mee gaan naar het vrouwencafé “Viva la vie.” Daar werkte ik op vrijdagen.
Toen kwam Tommie elke vrijdag langs. Tommie vroeg me altijd mee uit na mijn werk. Zij had geen relatie meer. Ik weet ook nog wel dat ik stond en Tommie zat op een barkruk. Ze legde haar hoofd op mijn borst en zei: “even liggen.” Ik zat toen nog in die relatie van 8 jaar dus ik probeerde het af te houden, maar met Tommie bleek het toch sterker dan met die andere relatie.
We waren later op een boot op het Prinsengracht concert en toen we allemaal van de boot gingen brak Tommie haar enkel. Toen zijn we alsnog de hele nacht door gegaan. Op hoge hakken. Door de alcohol had ze het allemaal niet zo door. De volgende ochtend naar het ziekenhuis. Tommie woonde bij haar zuster op 3 hoog. Ik woonde op één hoog. Dus vanaf dat moment bleef ze bij mij. Samen hebben we 7 jaar op 30 vierkante meter op de Bilderdijkstraat gewoond. Daar hebben we wel een Oscar voor verdiend vind ik. 2 vrouwen, 30 vierkante meter!
Ik betaalde daar maar 37 gulden huur. Maar het was erg heet in de zomer. We noemden het Vondelpark onze tuin want we zaten daar de hele dag, vluchtend voor de hitte. Ook kwam er een New York Pizza onder mij dat was de druppel, toen wilde ik verhuizen. Toen kreeg ik het hofje aangeboden op de Rozengracht.
Tommie: Ik heb wel een heel mooi huis. Een groot penthouse op de 4e etage met lift en al. We wonen niet samen maar hebben het beste van twee werelden. Nana woont op de Rozengracht met uitzicht op de binnentuin en ik dus hier. Als het heet is zijn we vaak bij Nana. We zijn wel heel veel samen. Na Corona ben ik ziek geworden en toen heeft Nana zich veel meer over mij ontfermd dan normaliter de gang van zaken was.
Nana: Toen ik net met Tommie was heeft ze mij het eerste jaar nog een beetje meegeholpen op de markt met de verkoop. Daar was ze heel goed in. Maar alles wat eromheen hangt, ’s morgens inladen en ’s avond uitladen, in de winter iets minder aangenaam dan in de zomer… Dan was het: “Brrr, koud. Gaan we naar de Kat in de Wijngaert?” Dan zat ze de hele dag in de Kat in de Wijngaert.”
Tommie: “Ik heb heel veel voor jou verkocht hè, vergeet dat niet!”
Uiteindelijk ben ik zelf ook gestopt op de markt. Ik kwam een advertentie tegen met ‘oppas gezocht’. Ik heb toen eindelijk met kinderen gewerkt bij zeven verschillende gezinnen. Met mijn 70ste ben ik ook daarmee gestopt om voor Tommie te zorgen, die toen heel ziek werd. En nu zijn we zoveel mogelijk aan het genieten van samen zijn en van het leven. Veel reisjes enzo naar Spanje en Zwitserland.
Tommie: Wij zijn maandagmorgen altijd in ’t Monumentje. Ik help dan een vriendin op de markt met verkopen. We drinken eerst een kopje koffie hier.
Nana: Ik heb hier dan een soort audiëntie want die komt en dan weer die.
Tommie: We zijn hier best wel veel. Soms één keer maar soms ook vier keer in de week. Als we boodschappen gaan doen, toch nog even langs ’t Monumentje.
Nana: De diversiteit van mensen en het beleid, hoe de dingen hier gedaan worden vind ik heel fijn. Er wordt je niet de hele tijd gevraagd of je nog wat wil hebben maar je moet je drankje gewoon zelf halen. Dat is echt ’t Monumentje.
Tommie: Ik vind het een soort thuiskomst hier. En ik vind het ook leuk, het gemêleerde publiek.
Nana: We komen hier al langer dan twaalf jaar, zolang woont Tommie al in de Westerstraat. Maar daarvoor kwamen we hier ook al.
We zijn nooit zo van de alcohol, maar echte koffiedrinkers. Cappuccino, zwarte koffie en Tommie vaak ook tomatensap.

De agenda van Juni:  Deze maand geen Frans Doedel, maar wel een spetterend Rock 'n Roll trio!🎸🤩😎
31/05/2026

De agenda van Juni: Deze maand geen Frans Doedel, maar wel een spetterend Rock 'n Roll trio!🎸🤩😎

Vanavond Live: Ben Reel, v.a. 20.00.     🎼🎸
18/05/2026

Vanavond Live: Ben Reel, v.a. 20.00. 🎼🎸

13/05/2026

Vanaf heden in ‘t café!

Vaste klant van de maandSipko Boon20-12-1947Ik ben opgegroeid in Amsterdam op de Hoofdweg. Mijn ouders hadden de oorlog ...
12/05/2026

Vaste klant van de maand

Sipko Boon
20-12-1947

Ik ben opgegroeid in Amsterdam op de Hoofdweg.
Mijn ouders hadden de oorlog moedig doorstaan. Het was natuurlijk een heel gedoe aan het einde van de oorlog, maar daarna werd de draad, tot zover ik weet, weer opgepakt.
Het was wel bepalend. Vooral in de jaren ’50, terwijl ik wat ouder werd, had je nogal veel gedoe over die tweede wereldoorlog. Er werden mensen nog nagewezen dat ze NSB’ers waren. Maar op een gegeven moment was dat over. We hadden niemand die fout was in de oorlog in de familie.

Ik ben een volop babyboomer. Ik ben enig kind. Dat was in die tijd heel uitzonderlijk. Ik denk dat mijn moeder gewoon geen tweede kon krijgen maar dat heeft ze mij nooit verteld. Daar heb ik haar ook nooit over horen zeuren. Als ik bij die grote gezinnen kwam was ik wel blij dat ik dat niet allemaal had.
Ik was een heel verlegen kind vroeger toen ik klein was. Ik had wel een paar goede vriendjes.

Mijn ouders hadden wel wat met de Molukkers doordat mijn vader voer met de grote vaart, met de Stoomvaart Maatschappij Nederland en die haalde die repatrianten op. En op de een of andere manier klikte het met die mensen. Zoals bekend heeft de overheid toen valse toezeggingen gedaan en dat was echt schandalig wat er toen is gebeurd. De overheid kwam zijn verplichtingen niet na. Er was aan ze beloofd dat ze in het leger zouden komen en dat gebeurde gewoon niet. Ze werden zelfs in Westerbork geplaatst. En het is toen geëscaleerd met treinkapingen en de bezetting van het consulaat hier in Amsterdam. Het was toen een enorme uitbarsting van de jongere Molukkers met name. Het is nog steeds een hele hechte gemeenschap, de Molukkers.
Mijn ouders hadden goede banden met de Molukkers en ik had een Moluks vriendje, of nou - half Moluks. Zijn vader was blanke soldaat. Hij woonde bij mij in de buurt.

De verzuiling was toen ook volop bezig. Je had de katholieken, de gereformeerden, de socialisten. Dat kun je je nu niet meer voorstellen. Je hoorde bij een groep. De familie van mijn moederskant waren van die vreselijke, ja sorry dat ik het zeg, gereformeerde mensen. En daar heb ik een diepe afkeer van het geloof aan overgehouden. De familie van mijn moeder waren gluiperts. Mijn moeder niet hoor, en haar broer ook niet. Maar haar zus… die hadden het achter de ellenbogen zoals mijn moeder altijd riep.
Mijn moeder was gelovig op haar manier. En mijn vader was op zijn manier ook een christen maar die was heel vaak weg want hij zat op de grote vaart. Hij was soms 9 maanden weg.
Ik ging nooit naar de kerk. Soms met mijn oma en opa mee maar dan zat ik mij stierlijk te vervelen.

Ik heb de Middelbare school gedaan en ik was een mislukte student Nederlands. Maar dat studeren was niets voor mij. Ik heb toen allerlei baantjes gehad en toen stond er een advertentie in de krant dat ze een corrector zochten bij het Parool. Daar heb ik op gesolliciteerd en ben aangenomen. Ik bleek een goede corrector te zijn dus ik heb dat heel lang gedaan.
De hele krant, alles moest gecorrigeerd worden. We hadden een grote afdeling. In het begin werd de krant nog uit lood gezet. En later kwam de ponsbandmachine. Het maken van een krant was toen arbeidsintensief. Het Parool was vroeger een gigantisch bedrijf. Er werkte iets van 2300 man. Het zat toen nog in de Wibautstraat, daar hebben ze nog heel lang gezeten. Trouw, het christenblad, kwam er later ook bij. Maar op een gegeven moment kwam de computer, toen werd het steeds minder. We hebben nog wel heel lang advertenties gecorrigeerd.
Echte journalisten bestaan niet meer. Kijk je had geen internet en zo en alles moest in die krant. Dus het ging met telexen, noem alles maar op hè, doorbellen, buitenlandse correspondenten. Als je nu kijkt, het zijn veel meer achtergrondverhalen. Het hele actuele nieuws heeft iedereen al ’s ochtends vroeg op de TV gezien of gelezen. Dus ja die kranten, het is zo veranderd. Er is ook veel minder kennis. Er verschijnt veel onzin in.
Ik vond het corrigeren heel leuk. We werkten in ploegendiensten en ik werkte vooral ’s avonds, dan kon ik overdag fietsen. Het werd goed betaald.

Ik hoef je niet te vertellen hoeveel aanvaringen ik met journalisten heb gehad. Als ik inhoudelijke fouten ontdekte, dat deed bijna iedereen overigens, dan belde ik naar de desbetreffende journalist; “Hee moet je eens horen, dit klopt helemaal niet.” En dan begonnen ze eerst je stijf te vloeken, en dan liet je ze uitrazen... Nou ik kom wel even naar boven. Ging ik naar boven, naar de redactie met de kopij om mijn arm, dan zei ik: “dit, dit, dit en dit klopt niet.” Dat waren dan fouten met de werkelijkheid. Ze gaven er hun eigen draai aan. Ik was berucht op de redactie. Ik had een grote bek natuurlijk. Als het fout is, is het fout natuurlijk, je moet er niet omheen draaien.
Ik ben weleens op het m***e geroepen. Het beroemdste voorbeeld, je had vroeger een wielenwedstrijd, die heette “de omloop het Volk.” Het Volk was een Vlaams dagblad, die organiseerde die cours. Een journalist bij Trouw had daar de omloop van het Volk van gemaakt, dus ik had toen het woord ‘van’ eruit gehaald. Ik kom maandagmiddag op mijn werk, want ik had zondagnacht dienst en toen moest ik bij mijn baas komen, ontzettende l*l trouwens maar dat terzijde, en die dacht mij te pakken te hebben. Ze hadden gezegd dat ik het fout had en hij wilde me verrot schelden. Ik kon bewijzen dat het wél ‘Omloop het Volk’ was. De volgende dag kwam ik met de Wielergids en liet het bewijs aan hem zien. Hij werd toen helemaal rood. Ik zei: “Ik eis excuus van je” maar dat weigerde hij. Toen ben ik naar de ondernemersraad gegaan En heb gezegd: moet je eens goed luisteren ik p*k dit niet. Hij heeft toen uiteindelijk zijn excuses aan mij moeten aanbieden.
Uiteindelijk was ik zelf de oude rot bij het Parool. Ik had een gouden baan jongen, ik werkte 20 uur per week, alleen bij het Parool, de laatste 2 jaar. En kreeg mijn volledige salaris doorbetaald. En nu een goed pensioen.

Politiek was ik niet socialistisch laat ik het zo zeggen. Ik heb een keer op Joop Den Uyl (PvdA) gestemd en daar heb ik altijd spijt van gehad. Ik vond het een vreselijk kabinet. Ik heb een tijd op D66 gestemd maar ik zou het nu echt niet meer weten. Ik kan hier aan de bar flink blaffen erover. Ik heb er niet echt iets meer mee.

Ik ben al heel lang bezig met Motörhead. Sinds 1981, ik was toen midden 30. Dat was een leuke tijd, ik ging al die hardrockfestivals af. 80% was daar man, lang haar en in het zwart. Echt absurd; er kwamen bijna geen vrouwen. Ik heb nooit lang haar gehad maar dat was geen enkel probleem. Ik hoorde ze een keer, die enorme herrie, en toen dacht ik: dat is mijn band! Ik voel me prettig in deze kledij dus waarom zou ik iets anders aan doen? Het is ook het geheel, die drie gasten op het podium, Lemmy die daar geweldig stond te bassen en daar de longen uit zijn lijf brulde. Nou dat was het, heel simpel. Ik hou wel van andere soorten muziek ook hoor! Ik ben niet een monogaam iemand wat muziek betreft.

Ik heb 8 jaar in Castricum gewoond, in Bakkum. Ik ben toen getrouwd geweest en heb twee zoons gekregen. Ik ben jong op leeftijd gescheiden, mijn jongste was toen 2! Die is nu 52 kan je nagaan. Daarna ben ik teruggegaan naar Amsterdam en nooit meer weggegaan. Mijn jongste zoon woont ook in Amsterdam en zie ik met regelmaat. De andere zoon woont in Canada. Dat is wel heel leuk, ik kom al 25 jaar elk jaar in Canada. Hij is fishing guide. Met het geld dat hij verdiende ging hij de wereld rond en dan werd ik gebeld wanneer het op was.

Ik heb 13 jaar heel fanatiek gewielrend. Dat wil je niet weten. Maar daar ben ik mee gestopt toen het veel te druk werd met dikbuikige oudere mannen en ik schaamde me dood. Toen ben ik heel fanatiek gaan wandelen. En zwemmen heb ik heel lang gedaan ’s winters in het Marnixbad, 5 dagen per week. Het oude Marnixbad! Dat was helemaal op, niets deed het meer goed.
Ik ben ook gek op lezen. Ik blijf graag fit van geest. Lezen is altijd al mijn hobby geweest. Als kind al, ik wilde nooit speelgoed, ik wilde boeken!
Ik hou ook van lekker eten maken. Ik ben heel zorgvuldig op mijn lichaam. Ik let er ook op dat ik niet zoveel meer drink. Thuis drink ik bijvoorbeeld helemaal niet meer. Ik gebruik geen stoute dingen meer, ja ik rook een pijpje. Ahum, dat was het enige, bij Motörhead moest er altijd wel een pakje speed ofzo doorheen. Ik vond dat lekker. Ik had mijn werk natuurlijk, ik moest ’s ochtends aanwezig zijn en je kon moeilijk met een kater… Alhoewel, de correctiekamer bestond voor 60% uit notoire dronkenlappen hoor, sjonge jonge jonge!

Ik kwam vroeger altijd in Café Schuim. Maar die eigenaar, hij en ik, dat was water en vuur. Hij mocht mij niet. Dat ging van kwaad tot erger. Toen maakte ik op een gegeven moment een opmerking tegenover mijn toenmalige vriend Gerrit. En er stond een Duitse dame achter de tap en die ging naar Christian, de eigenaar, toe en begon over mij te kankeren. Toen kwam Christan naar mij toe en die begon tegen mij op te spelen voor de zoveelste keer. Toen had ik er zó genoeg van toen heb ik tegen hem gezegd: “moet je eens goed luisteren, ik zet hier never van mijn leven meer een p**t binnen en je bent een ontzettende l*l.” Ik kwam toen al vaak langs ’t Monumentje en zag dan Eric al zitten en nog wat mensen weet je wel, die ook bij Schuim kwamen. En zo ben ik hier min of meer binnen geslopen. Ik woon hier ook al 40 jaar in de buurt. Ik kom hier nu al zo een jaar of 30 met tussenpozen. Er werd toen nog gerookt. Iedereen zat hier binnen met de deur dicht, die grote ventilator aan.. dat hielp helemaal niet! Dus ’s avonds moest je je kleren op het balkon gooien. Het interieur is niet veranderd sindsdien. En de mensen ook niet. Alhoewel het begint toch wel uit te sterven natuurlijk.

Ik drink altijd al graag bier en wijn en af en toe een shotje Wodka. Tegenwoordig graag Alfa Edelpils uit Limburg. Lekker bier is dat. Dat komt door onze fotograaf André, die heeft het aan mij geïntroduceerd.

Amsterdam is ontzettend veranderd. Tegelijkertijd met de opening van ’t Monumentje, in de jaren ’70, is de uittocht van de Jordanezen begonnen. De particuliere huiseigenaren lieten de woningen verkrotten. Heel veel Jordanezen vertrokken naar Hoorn en toen Almere werd gebouwd, toen stroomde het al helemaal leeg. Het Jordaanfestival (dat was vroeger op de Appeltjesmarkt bij die grote parkeergarage, dat vreselijke ding) is nu in Almere!
Het is wat het is, maar het is het is nu helemaal veryupt. Je hoort heel veel Engels. Het blijft een mooie buurt om te wonen natuurlijk.
Er is in de jaren ’60 zelfs een plan geweest om het hele centrum plat te gooien en er allemaal kantoren voor in de plaats te bouwen. Daarom heb ik een afkeer van het socialisme, dat was allemaal Joop Den Uyl. Dat willen ze nu niet meer maar nu willen ze hele andere dingen. Laten we het daar maar niet over hebben, dan staat het schuim op mijn lippen!
“Daar sloeg hij het café kort en klein”, dat zou toch jammer zijn.

Aankomende zondag live in het monumentje: NOME! De voormannen van de Amsterdamse Avantgarde. Wees erbij om  16u!🫶🤩🎹.
06/05/2026

Aankomende zondag live in het monumentje: NOME! De voormannen van de Amsterdamse Avantgarde. Wees erbij om 16u!🫶🤩🎹.

In de maand Mei: GEEN MEEZINGEN! Maar wel de herintrede van Art-Prog-Rockers NOMII en een oude bekende: BEN REEL! 🫶🤩🎸
30/04/2026

In de maand Mei: GEEN MEEZINGEN! Maar wel de herintrede van Art-Prog-Rockers NOMII en een oude bekende: BEN REEL! 🫶🤩🎸

Mei in de expo:Harry GijsbertsKunstschilder Hargijs@yahoo.com mokumharhargijs
30/04/2026

Mei in de expo:
Harry Gijsberts
Kunstschilder

[email protected]
mokumhar
hargijs

Adres

Westerstraat 120
Amsterdam
1015MP

Openingstijden

Maandag 08:30 - 01:00
Dinsdag 08:30 - 01:00
Woensdag 08:30 - 01:00
Donderdag 08:30 - 01:00
Vrijdag 08:30 - 02:00
Zaterdag 09:00 - 02:00
Zondag 11:00 - 01:00

Telefoon

+31206243541

Website

Meldingen

Wees de eerste die het weet en laat ons u een e-mail sturen wanneer Café 't Monumentje nieuws en promoties plaatst. Uw e-mailadres wordt niet voor andere doeleinden gebruikt en u kunt zich op elk gewenst moment afmelden.

Delen